Het Vermeulen-orgel
Het Vermeulen-orgel van de Koepelkerk te Leeuwarden is niet het eerste orgel dat in dit kerkgebouw is geplaatst. Nadat aanvankelijk tijdens de diensten gebruik werd gemaakt van een z.g.n. kabinetorgel, gebouwd in 1860 door de orgelmakers Adema uit Leeuwarden, plaatste de Electrische Kerk- en Concertorgelfabriek Valcks en van Kouteren uit Rotterdam een volwaardig kerkorgel in de Koepelkerk.
Ondanks de fabrieksmatigheid van het instrument uit de z.g.n. vervalperiode, was er over het algemeen toch goed en degelijk werk geleverd en waren er uitstekende materialen gebruikt. Het systeem was: rein pneumatische kegelladen en inlatende wind. De eikenhouten kegelladen getuigden van grote deugdelijkheid.
Het orgel bezat 26 registers, verdeeld over Hoofdwerk, Zwelwerk en Pedaal.
Op 22 juli 1927 was de ingebruikname en het orgel heeft dienst gedaan tot 1975.
In dat jaar werd begonnen met het plaatsen van het huidige orgel.
Dit grote instrument is door de Gebr. Vermeulen te Alkmaar-Weert gebouwd in 1935 voor de H. Hartkerk (Noorhoek) te Tilburg en aldaar geplaatst in datzelfde jaar.
Het instrument betekende in die dagen een totale omwenteling in de toenmalige romantische orgelbouw in het zuiden van ons land, onder advies van de beroemde Belgische organist Flor Peeters.
Hij heeft duidelijk zijn stempel gezet op de dispositie van dit orgel, waarin hij de weg volgde van de vernieuwende “Orgelbewegung” , die ca. 1926 in Duitsland ontstond en waarin o.a. Dr. Christhard Mahrenholz de stuwende kracht was. De orgels moesten breder van opzet worden en er werd studie gemaakt van de klankopbouw van orgels uit de barok.
Hoewel we in dit geval niet kunnen spreken van een neo-barokorgel – de beweging van de jaren 50 en daarna – getuige bijvoorbeeld de mechaniek en het kegelladensysteem, mag het orgel in zijn soort als uniek en cultureel van grote waarde worden gezien.
Doordat het kerkgebouw in Tilburg werd afgebroken, heeft de Gereformeerde Kerk van Leeuwarden het instrument aangekocht en is het in de jaren 1975-1977 in de Koepelkerk herplaatst. Het briljante orgelfront is ontworpen door ing. Tjibbe Heidinga te Leeuwarden, waarin hij op een voortreffelijke manier aansluiting heeft trachten te vinden bij eerdere ontworpen orgelfronten van Tjeerd Kuipers, de bouwmeester van de kerk. Tot in de kleinste details van kleur- en vormschakeringen vinden we overeenkomsten in glas- en meubelwerk van het interessante kerkgebouw.
De kleurenadviezen zijn van de Fa. Wits B.V. te Leeuwarden, die destijds ook het kleurenadvies gaf voor het grote orgel in de Laurenskerk te Rotterdam.
De beelden op het orgel, voorstellende Geloof, Hoop en Liefde dateren uit 1790 en zijn afkomstig uit de voormalige Ned. Herv. Kerk te Heerenveen.
Het orgel heeft thans 49 registers verdeeld over drie klavieren en pedaal met in totaal 3073 orgelpijpen en is daarmee het grootste orgel in de provincie Fryslân.
Het instrument is thans in onderhoud bij de orgelmakers Jan de Bruijn en Maarten Oranje uit resp. Emmeloord en Kampen.